Naar de website schapenvoornatuur.nlContact Kennisbank

Voeding

Goed ruwvoer, zonodig aangevuld met schapen- of rundveebrokken, is belangrijk om schapen goed te voeden. Langvezelig materiaal, zoals hooi en luzernehooi, is van belang voor een goede spijsvertering. De specifieke voedselsamenstelling wordt aangepast op de behoefte van de schapen.

Schapen zijn net zoals runderen, herkauwers. Schapen hebben vier magen: de pensmaag, boekmaag, netmaag en lebmaag. De pens heeft een inhoud van ongeveer 10 liter en breekt het gras of ruwvoer af door middel van micro-organismen zoals bacteriën. In de pens vindt de eerste vertering van het voer plaats na enkele keren kauwen van het voer door het schaap. Na 20 tot 24 minuten, gaan de spijsbrokken uit de pens terug naar de mond waar het verder gemengd wordt met speeksel. Dit duurt ongeveer 1 minuut per brok.

Daarna slikt het schaap de spijsbrok weer door en gaat het via de netmaag naar de boekmaag. Hierdoor wordt de vloeistof uit de spijsbrok geperst. Deze vloeistof gaat als eerste naar de lebmaag. Daarna volgt langzaam de spijsbrok. De maagsappen werken hier op het voedsel in voor de verdere vertering.

Bronnen 

Bekedam, .M., Herweijer, C.H. 1986. Schapenteelt en schapenziekten (3e druk). Wageningen: Uitgeverij Terra Zutphen, Groene Reeks.  

Heeft u toevoegingen of aanpassingen voor deze pagina, laat het ons weten: